Scholarly article on topic 'Boekbespreking: Renkema, Jan, Schrijfwijzer'

Boekbespreking: Renkema, Jan, Schrijfwijzer Academic research paper on "Languages and literature"

0
0
Share paper
Academic journal
Internationale Neerlandistiek
OECD Field of science
Keywords
{""}

Academic research paper on topic "Boekbespreking: Renkema, Jan, Schrijfwijzer"

gevat, namelijk als enkel betrekking hebbend op de standaardtaal. Ik denk dat het om een veel breder pakket van ideeën en idealen (en bezorgdheden) gaat, ook met betrekking tot lezen en schrijven, spelling, de inrichting van een grammatica en een woordenboek, de maatschappelijke positie van het Latijn, het talenonder-wijs, de spelling, de alfabetische volgorde, de rol van literatuur, enzovoort. Maar ik geef toe, zelfs Burke heeft op dit punt nogal een zuinige opvatting.

Derde en laatste kanttekening: in 2008 is de stelling naar voren gebracht dat de bedoelde Europese taalcultuur en de daaruit voortgekomen standaardtalen in de twintigste eeuw op hun retour zijn (Van der Horst 2008). Ik wil graag geloven dat de auteurs het met die stelling oneens zijn, maar de onderhavige bundel had gewonnen aan actualiteit als daar ook argumenten voor aangevoerd werden. Nu wordt genoemd boek wel enkele malen geciteerd inzake details, maar de centrale stelling ervan blijft onbesproken. Davies zegt ergens in één alinea dat zij niets ziet in destandaardisering, maar zonder noemenswaardige argumentatie. Dit lijkt me een gemiste kans, zoals het me trouwens ook niet duidelijk is waarom geen der auteurs gebruik heeft gemaakt van De Swaan (2002) of de Engelse versie daarvan.

Kortom: een fascinerende bundel over een interessant, belangrijk en actueel thema, waarvoor we Vogl, Hüning en Moliner dankbaar kunnen zijn. Niet alle auteurs lijken echter te beseffen waar Vogl heen wil in haar programmatische in-leiding, maar dergelijke spanningen zijn karakteristiek voor discussies over standaardtalen. Niet alleen in de rangen van de Europese Unie, ook onder taalkundi-gen valt nog veel missiewerk te doen.

Joop van der Horst

Horst, Joop van der, Het einde uan de standaardtaa!;een wisseling uan Europese taalcultuur. Amsterdam, 2008.

Horst, Joop van der, 'Het einde van de standaardtaal in België'. Els Hendrickx et al. (red.),

Lieuer meer ofjuist minder.? Ouer normen en waarden in taal. Gent, 2010,15-25. Swaan, Abram de, Woorden uan de were!d;het mondiale talenstelsel. Amsterdam, 2002

Renkema, Jan, Schrijfwijzer. Amsterdam, Boom, 2012. ISBN 978 9461 056 962. € 376°.

Schrijfwijzer gaat digitaal

De cijfers zijn indrukwekkend: van Jan Renkema's Schrijfwijzer werden in een periode van dertig jaar 450.000 exemplaren verkocht. Daarmee is het wellicht het taalhandboek van de afgelopen decennia. En Schrijfwijzer dendert door. In 2012 verscheen een nieuwe (vijfde) editie: uitgebreid, herwerkt, en ondersteund door

een Website. Is er nog behoefte aan? In het voorwoord stelt Renkema de vraag zelf: 'wat voegt deze onderneming toe aan wat er op de markt is?' (p. 12). In het vervolg wijst hij op de combinatie van boek + site + oefeningen, en hij legt uit dat hij nog een keer ('maar dan beter en eigentijdser') alles wilde opschrijven wat hij belangrijk vindt voor het schrijven van goede teksten. En: 'de belangrijkste reden [...] is de al jarenlang bestaande vraag naar "ook een digitale editie"' (p. 12).

De opzet van het boek is hetzelfde gebleven. In de eerste hoofdstukken geeft Schrijfwijzer adviezen voor planning, structuur, het overbrengen van de boodschap en dergelijke. Als vertrekpunt dient het CCC-model, waarmee de kwaliteit van een tekst kan worden beoordeeld. Dit model, dat Renkema in de jaren negentig ont-wikkelde, is inzichtelijk en bruikbaar, al kun je je afvragen of de theorie wel tot zijn recht komt in een handboek dat vooral dient als naslagwerk. De toepassing, de beoordeling aan de hand van vijftien 'ijkpunten', heeft beslist oefening nodig. In volgende hoofdstukken (het grootste deel van het boek) stelt SchrijfWijzer tal van taalkwesties aan de orde, op het niveau van grammatica, woordenschat, register, spelling et cetera. Tot zover is deze vijfde editie niet wezenlijk anders dan de vierde. Wat wel nieuw is, is de website: schrijfwijzer.nl. Reden om deze site eens goed te bekijken.

Het eerste wat je hier vindt zijn de 'videopresentaties'. Ik kies het filmpje over biologische karnemelk - die karnemelk ken ik! De tekst op het pak ken ik ook, en ik heb me er nooit aan gestoord. Renkema wel. 'Goed voor een koe is goed voor jezeif, vermeldt het pak. Dit kan niet door de beugel. Want: 'Wat is goed voor een koe? Twee maal per dag gemolken worden en af en toe een fijne stier op bezoek!' Alsof dit niet een wervende maar een informerende tekst zou zijn! Het is een be-kende truc uit het cabaret: een tekst uit z'n context halen, uiterst precies lezen en voorzien van eigen commentaar. In het theater kan het hilarisch zijn. Maar hier? In drie van de zeven filmpjes wijst Renkema 'fouten' aan in teksten. Allereerst kun je je afvragen of het niet illustratiever en leerzamer is om te laten zien hoe je een goede tekst schrijft. Bovendien is Renkema griezelig streng. Is het echt zo mis? Bij de bespreking van een gefingeerde rouwadvertentie steekt hij een vinger op bij 'op 71-jarige leeftijd'. Een cruciale fout is het niet, maar het woord 'fout' is ge-vallen, en 'op de leeftijd van 71 jaar' is toch beter.

De filmpjes hebben iets ergerlijks en pedants, en het merkwaardige is: de toon sluit helemaal niet aan bij die van het boek! In Schrijfwijzer staat Renkema door-gaans open voor ontwikkelingen en variatie in de taal; hij keurt (nieuwe) varianten niet zomaar af. Als voorbeeld de variant 'hun hebben'. SchrijfWijzer:

Het gebruik van hun als onderwerp - hun hebben, enz. - wordt nog vaak toe-geschreven aan jongere dialectsprekers met weinig scholing. [... ] [uitvoerige toelichting] Taalkundig is er niets mis met deze onderscheidingen, maar gelet op de (overigens vaak overdreven) "hun-irritatie" kan men in geschreven taal hun als onderwerp beter vermijden (pp. 292-293).

De site taaladvies.net, ontwikkeld door de Taalunie, is conservatiever:

Is Hun hebben dat gedaan correct? Antwoord: Nee, zinnen als Hun hebben dat ge-daan worden in Nederland wel veel gebruikt, maar zijn geen standaardtaal. Standaardtaal is Zij hebben datgedaan.1

Vanuit taalkundig oogpunt valt er veel te zeggen voor de nuance van Schrijfwijzer; taaladvies.net formuleert bondiger, eenvoudiger, geeft eerst het advies, daarna pas een toelichting. Voor het onderwijs (en zekeraan anderstaligen!), en bij praktisch ge-bruik als naslagwerk, lijkt de duidelijkheidvantaaladvies.net een belangrijkvoordeel.

Terug naar de site, want die biedt uiteraard meer. Waar het boek een voortref-felijk trefwoordenregister heeft, kun je op de site zoeken met behulp van zoekter-men. Althans, als je een login hebt, en de activeringscode vind je... in het boek. Het gebruik van de website wordt hierdoor drastisch beperkt, ook als je het boek (+ code) wel hebt. Wie bij het schrijven met een vraag zit en googelt, komt vrijwel meteen terecht op sites als taaladvies.net en onzetaal.nl. Wil je het antwoord van schrijfwijzer.nl, dan moet je eerst inloggen. Een afknapper, want ja, er is nu een digitale versie, maar op andere, gratis sites vind je het antwoord sneller. En met meer kans op succes, dat ook, want taaladvies.net is uitgebreider dan Schrijfwijzer.

We blijven op de site. Ook voor de oefeningen moet je inloggen. Ik klik de eerste oefening aan, en krijg dit:

3.1 Oefening 1/12: Welke vragen kan de lezer stellen na het lezen van deze zin? In de ajgelopen twee jaar studeerden in Engeland 2.4 miljoen Studenten in het hoger onderwijs, van wie 1.150 Studenten in Nederland.

Zo, dit is wat je noemt een open vraag! Iets invullen kan ik niet - dit blijkt bij geen enkele oefening te kunnen (in feite is deze afdeling de elektronische variant van het klassieke oefenboekje-met-opgaven-en-uitwerkingen-achterin-principe). Ik maak een Word-document aan, en... Allereerst weet ik niet wat voor vragen er van me worden verwacht. Inhoud, stijl? Komt deze zin uit een nieuwsbericht of een rapport? Wat is het doel; voor welk publiek? Maakt de zin deel uit van een tekst of is het een losse mededeling? Maar nee, zoiets zal niet bedoeld zijn. Ik lees de zin nogmaals en vind 'in Engeland' en 'in Nederland' niet duidelijk - waar studeerden ze nu? Ook schrijf ik liever 'stonden ingeschreven' omdat dat is wat je meet. Of wordt hier gedoeld op iets als '2.4' wat '2,4' moet zijn? Ik kom er niet uit. Met een klik op 'Antwoord' krijg ik dit:

a In de afgelopen twee jaar. Welke jaren zijn dat precies, en zijn dat cursus-jaren of kalenderjaren? [...]

b Het getal 1.150 is heel precies, misschien wel te precies. Als de lezer alleen een indicatie nodig heeft, had hier ook kunnen staan: ongeveer duizend. [...]

Het stemt me niet vrolijk. Dit had ik niet kunnen bedenken, in de verste verte niet.

Dit bezwaar kleeft aan veel oefeningen op schrijfwijzer.nl: ze zijn onvoldoende gestuurd. Als gebruiker zou je even in het hoofd van Renkema willen kijken om te weten wat hij bedoelt en hoe hij iets beoordeelt. In een andere oefening wordt gevraagd of de contaminatie 'de goedkoopste prijs' aanvaardbaar is. Tja. Aan-vaardbaar, volgens wie? Volgens Renkema? (Om de lezer niet in spanning te laten: ja, dit is aanvaardbaar.) Dit roept de vraag op: wat is nu eigenlijk de status van het advies van Schrijfwijzer? Op taaladvies.net tref je een toelichting aan: 'Voor de adviezen in de taaladviesbank opgenomen worden, zijn ze in het Taaladvies-overleg van de Nederlandse Taalunie besproken en goedgekeurd.' Vergelijk dit eens met Schrijfwijzer, waar iedere verantwoording ontbreekt. Hier komt nog iets anders bij: taaladvies.net neemt citaten op uit naslagwerken (onder andere Schrijf-wijzer), zodat de gebruiker kan nagaan hoe de kwestie door anderen wordt beoor-deeld. Schrijfwijzer doet dit niet. Er wordt nooit naar anderen verwezen; sterker nog: SchrijfWijzer bevat niet eens een bibliografie.

Terug naar de vraag uit het voorwoord: 'wat voegt deze onderneming toe aan wat er op de markt is?' Bij zijn verschijning in 1979 voorzag Schrijfwijzer in een behoefte. Decennialang was het de autoriteit voor het schrijven van teksten. Anno 2012 zijn er andere autoriteiten zoals taaladvies.net. Een nieuwe editie van Schrijf-wijzer zou zijn rechtvaardiging moeten halen uit iets extra's, iets innovatiefs, maar dat doet het niet. De site is statisch, bevat geen spannendere tool dan een zoek-functie. Voor de docent die Schrijfwijzer wil inzetten in het onderwijs (intra- of extramuraal), was het prettig geweest als Renkema evenveel zorg aan de oefeningen had besteed als aan zijn adviezen voor het schrijven van teksten. Zo had hij de theorie over het CCC-model kunnen ondersteunen met eigentijdse, activerende oefeningen voor het ontwikkelen van competenties... Maar nee, een helder didac-tisch concept lijkt te ontbreken - een gemiste kans, want juist de didactische kant van het project had mogelijkheden kunnen bieden. Schrijfwijzer is immers mede bedoeld voor het onderwijs.

Het boek bevat ondanks alle kanttekeningen veel goeds (en ongetwijfeld is dit de beste, meest nauwkeurige editie), maar het kan de concurrentie met gratis websites onmogelijk aan. Een boek staat in een kast en die kast staat thuis; een student zal eerder vragen om WLAN. En dat roept de vraag op: wie gebruikt het? Schrijfwijzer kost € 37,50. Welke student heeft dat over voor iets wat hij elders gratis krijgt, en minstens zo goed?

Pieter van der Vorm

1. Bron: http://taaladvies.net/taal/advies/vraag/400/, laatst geraadpleegd op 4 maart 2013.